Menu

Akten Schepenbank Tilburg

Akte R-1561-14-7951-48v

Adam zoon van wijlen Cornelis Jan Sijmons heeft beloofd als een principaal schuldenaar te gelden, te geven en wel te betalen aan Matheeus zoon van wijlen Wouter Gerijts een jaarlijkse en erfelijke cijns van twee en zesig en een halve stuiver, te vergelden elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwendag Lichtmis en voor de eerste termijn op Onze Lieve Vrouwendag Lichtmis nu a.s. uit en van huis, hof, schuur met de grond en uit de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, twaalf lopensaet ongeveer groot, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd die Heijdsijde bij die Postelstraet, aldaar tussen:
erfenis van Matheeus Wouter Gerijts voors een zijde
erfenis van de erfgenamen en kinderen van Jan Peter Mutsaerts ander zijde
de gemeijn straat een einde
erfenis van Peter Jan Reijnen ander einde,
zoals hij zeide.
Et promisit warandiam more solito (en hij heeft beloofd te waarborgen zoals gebruikelijk) en het voors huis, hof, schuur met de grond en erfenis daaraan liggende altijd goed, zeker genoeg en waardevast te maken etc en alle kommer en calangie daarin zijnde allemaal voor hem af te doen. Met voorwaarden hierbij, dat Adam, belover voors, en zijn nakomelingen deze cijns van 62½ stuiver voors zullen mogen lossen en vrijen tot hun schoonste altijd op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis met vijftig karolus gulden, twintig stuivers per stuk of die waarde in ander goed gevalueerd geld daarvoor, simul cum censu anni redemptionis et arrestadiis salvo (samen met de jaarcijns en achterstand, behalve) dat zij het met Sint Jansmis tevoren op moeten zeggen als ze met Lichtmis daarna de voors los zullen willen doen en ook zo wanneer Matheeus voors of zijn nakomelingen het zal gelieven de voors penningen te hebben en dat vanwege Matheeus of zijn nakomelingen aan Adam voors of zijn nakomelingen met Sint Jansmis tevoren wettelijk verkondigd zal zijn, zo heeft Adam voors beloofd super se et bona (op hem en zijn goederen) etc met Lichtmis daarna komende de voors hoofdsom samen met alle achterstand op te brengen en te betalen, zonder arglist.
Datum 17 januari, schepenen Ghierll en Berijs.
Duplicatur una pro Adamo et alia pro Matheo (er moeten copieen gemaakt worden, een voor Adam en een voor Matheeus).

1561, januari 17

Bewerkt door: J.R.O. Trommelen



Zoeken in website: De Hasselt voor 1832